Verslag van de vergadering van 2 juni 2026 (2025/2026 nr. 31)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 21.45 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Schalk i (SGP):
Voorzitter, dank u wel. Natuurlijk ook dank aan de initiatiefnemers en de minister voor de uitvoerige beantwoording. Ik denk dat we zorgvuldig geformuleerd hebben — dat heb ik althans geprobeerd — hoewel we het niet geheel eens werden.
Ik heb vragen gesteld over onder andere de situatie rondom de grondwettelijke vrijheden. Er zijn door de indieners best wel duidelijke uitspraken gedaan over de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van onderwijs, maar wel steeds met een kleine disclaimer, een kleine opmerking erbij. Die vond ik ook terug in de behandeling van de Tweede Kamer wat betreft de ouders. Het gaat dan om opmerkingen als: het kan niet uitgesloten worden dat ouders strafbaar gesteld worden. Zo'n soort disclaimer hoorde ik hier ook. Misschien kan daar nog even op gereageerd worden door de indieners.
Vervolgens was ik wel onder de indruk van het begin van de inbreng van mevrouw Becker. Zij zei dat ze de politiek in is gegaan omdat mensen de vrijheid moeten hebben om zichzelf te zijn. Dan kom ik eigenlijk bij de discussie die ik net even had met de heer Nicolaï. Jongeren die nou zelf om hulp vragen met het zelfstandig oogmerk om de worsteling rondom genderidentiteit te veranderen; mag dat dan niet? Ik heb zojuist betoogd dat het op andere fronten eigenlijk heel ruim wel kan. Daarbij dacht ik nog even aan artikel 12 van het Internationaal Verdrag inzake de rechten van het kind. "De Staten die partij zijn, verzekeren het kind dat in staat is zijn of haar eigen mening te vormen, het recht die mening vrijelijk te uiten in alle aangelegenheden die het kind betreffen, waarbij aan de mening van het kind passend belang wordt gehecht in overeenstemming met zijn of haar leeftijd en rijpheid."
Dan ga ik naar de volgende balans. Aan de ene kant mag een kind sowieso op elke leeftijd beginnen met zijn sociale transitie. Medische behandelingen volgen in vaste stappen: vanaf 12 jaar puberteitsremmers, vanaf 16 jaar hormoontherapie en vanaf 18 jaar operaties. Je mag niet zelf om ondersteuning of hulp vragen. Dat vind ik heel ingewikkeld. Misschien kan daar nog eens even op gereageerd worden. Wellicht kan de minister ook nog even reageren op het punt van de kinderrechten.
Tenslotte, voorzitter. Ik heb een aantal keren gesproken over de extra voorlichting van de Raad van State. Ik heb een omissie gepleegd toen ik een ordevraag kreeg van de heer Nicolaï. Hij zei: we weten helemaal niet af van die voorlichtingsvraag die alvast voorgelegd was aan de Raad van State. Ik heb dat nog even nagekeken. Op 6 februari heeft de hele commissie een conceptbrief aan de Raad van State gekregen. Op 12 februari is die conceptbrief aan de totale commissie gestuurd, met daarbij de bemerking dat de Raad van State daarvan heeft kennisgenomen. Daar stond ook bij dat de Raad van State de definitieve voorlichtingsaanvraag graag tegemoetziet.
De heer Nicolaï i (PvdD):
Maar dat is een holle frase, want wij vragen de voorlichting en dan zou het raar zijn als de Raad van State zegt: ik geef geen voorlichting. De Raad van State zal voorlichting moeten geven. Het is een holle frase. De heer Schalk zei dat er contact met de Raad van State was geweest en dat de Raad van State zelf had gezegd: het is belangrijk dat we daar een oordeel over geven. Zo heeft de heer Schalk het gezegd.
De heer Schalk (SGP):
Zeker.
De heer Nicolaï (PvdD):
Toen heb ik gezegd: die inhoud van dat verhaal ken ik niet. Verder ben ik bij die commissie geweest. Ik heb kennisgenomen van de stukken die de heer Schalk zojuist voorlas. Daar gaat het om.
De heer Schalk (SGP):
In de stukken staat in ieder geval dat de Raad van State de definitieve voorlichtingsaanvraag graag tegemoetziet. Ik heb dat met eigen woorden geformuleerd. Vervolgens hebben we destijds die conceptaanvraag voorgelegd in de commissievergadering van 24 februari. Ik ben de heer Dittrich eigenlijk wel dankbaar dat hij hier vandaag tot twee keer toe heeft geformuleerd dat het feit dat die tijdspanne zo lang was de enige reden was om het niet door te zetten. Dat zou wel tien weken duren. Vervolgens heeft mevrouw Van Toorenburg tijdens die vergadering voorgesteld om het traject gewoon in gang te zetten en gelijk op te laten lopen. Mijn constatering is dat die tien weken vier weken geleden al voorbij waren, want we zijn nu veertien weken verder. We hadden dus helemaal geen tijd hoeven te verliezen. Het had makkelijk gekund. Ik vind het heel jammer dat een voorlichtingsvraag die in eerste instantie besproken wordt en waarvan een commissie zegt "ja, dat gaan we voorbereiden", later alleen maar op tien weken stuit.
De heer Janssen i (SP):
Dit is toch een beetje de eigen werkelijkheid van de heer Schalk. Als SP hadden we ook gewoon inhoudelijk geen behoefte aan die extra voorlichting. Dat was ook de reden dat maar een aantal fracties vonden dat het wetsvoorstel ingrijpend was gewijzigd. Zo is het ook geformuleerd: niet alle fracties, niet de hele commissie, "een aantal fracties". De heer Schalk zegt nu: het enige argument was het tijdsargument. Nee, ook inhoudelijk hadden wij geen behoefte aan die extra waardering, omdat wij niet deelden dat er een ingrijpende wijziging was geweest. Ik stel er prijs op om dat hier scherp te formuleren, want anders wordt het een eigen werkelijkheid.
De heer Schalk (SGP):
Ik ben het eens met de heer Janssen dat die formulering er ook in stond, dat een aantal fracties dat niet wilde. Dat is zelfs nog in een heel laat stadium in overleg tussen de heer Dittrich en mij in de voorlichtingsaanvraag gesteld. Nochtans, maar dat is mijn perceptie en mijn beleving, vond ik het heel bijzonder dat na alle voorbereidingen en dergelijke in een commissievergadering 38 mensen ertegen waren om hem door te sturen. Dat is een democratische meerderheid — niks aan de hand — maar ik vind er nog steeds wel iets van.
De heer Janssen (SP):
De perceptie van de heer Schalk is de perceptie van de heer Schalk; laat ik het zo zeggen. In het vorige interruptiedebatje met de heer Nicolaï sprak de heer Schalk over een formele zin van de Raad van State, waarin gezegd wordt: wij zien uw definitieve aanvraag graag tegemoet. Dat wordt dan vertaald als: de Raad van State wil heel graag, want ze vinden het belangrijk dat ze hierop kunnen antwoorden. Dat zijn echt percepties. Dat zijn weergaves die we gewoon niet met elkaar moeten doen. Dat is namelijk ook niet fair richting de Raad van State.
De voorzitter:
Helder. Ik denk dat we genoeg hebben gewisseld over de procedure in de commissie.
De heer Schalk (SGP):
Zeker.
De voorzitter:
Laten wij verdergaan met de inhoud van de wet.
De heer Schalk (SGP):
Zeker, maar niet dan nadat ik gezegd heb dat ik dat zojuist juist heb rechtgezet door de juiste formulering uit die brief te noemen, zodat de Raad van State inderdaad recht gedaan is.
Voorzitter. Dan ben ik af en toe ook nog een beetje van de school — u zult zich verbazen — van Bolkestein. Die zegt: als je een punt wil maken, dan moet je jezelf er soms voor overhebben. Dat heb ik op dit moment, en daarom heb ik de volgende motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het initiatiefvoorstel, de Wet strafbaarstelling conversiehandelingen (36178), een belangrijke wijziging heeft ondergaan door de toevoeging "stelselmatig of anderszins op indringende wijze", die van wezenlijk belang is voor de reikwijdte van de wet;
constaterende dat over deze belangrijke wijziging geen extra voorlichting is gevraagd;
overwegende dat tevens andere toetsing, zoals de uitvoerbaarheidstoets en de kinderrechtentoets, ontbreken;
stelt aan de Kamer voor om de behandeling van het initiatiefvoorstel 36178 aan te houden totdat een extra voorlichting door de Raad van State is aangeboden,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Schalk, Bezaan en Marquart Scholtz.
Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Daarmee maakt zij deel uit van de beraadslaging.
Zij krijgt letter I (36178).
De heer Schalk (SGP):
Dank u wel, voorzitter. U zult begrijpen dat ik vraag of er voor de behandeling van het wetsvoorstel over deze motie kan worden gestemd.
Dan dank ik u voor de tijd en aandacht die ik heb gekregen tijdens dit debat. Ik wens de indieners en de minister sterkte met de tweede termijn.
De voorzitter:
Kan de Kamer zich vinden in het voorstel van de heer Schalk om eerst over de motie te stemmen en dan over het wetsvoorstel? Ja. Dank u wel.
Dan gaan wij door naar de heer Hartog van de fractie van Volt.