1.Vaststellen agenda
2.36684
Goedkeuring Verdrag inzake het uitbannen van geweld en intimidatie op de werkvloer
Beslispunt
Welke procedure wenst de commissie te volgen:
-
-een datum te bepalen voor het leveren van inbreng voor het verslag;
-
-te volstaan met een blanco verslag (geen vragen of opmerkingen, afdoen als hamerstuk of stemming);
-
-te volstaan met een verslag onder voorbehoud van plenaire behandeling (geen schriftelijke behandeling, wel een mondelinge behandeling plenair)?
Internetconsultatie en uitvoeringstoetsen
Bij dit wetsvoorstel heeft geen internetconsultatie plaatsgevonden en zijn er geen uitvoeringstoetsen.
Procedure
3.36800 XV
Begrotingsstaten Sociale Zaken en Werkgelegenheid 2026
Beslispunt
Welke fracties leveren vandaag inbreng voor het verslag?
Toelichting
Op 31 maart 2026 besloot de commissie om vandaag (21 april 2026) gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor het verslag.
Achtergrond
-
-Op 24 maart jl. heeft de Tweede Kamer gestemd over alle begrotingswetsvoorstellen.
-
-In artikel 2.25 van de Comptabiliteitswet 2016 is een regel opgenomen voor het geval een begroting niet voor de start van het kalenderjaar is goedgekeurd. Lopend beleid dat ten grondslag ligt aan de begroting kan met terughoudendheid in uitvoering worden genomen. Voor nieuw beleid geldt het uitgangspunt “niet, tenzij”. Voor dit “tenzij” is vereist dat uitstel naar de mening van de betreffende minister niet in het belang is van de Staat en dat hij de Kamers daarover heeft geïnformeerd. De Kamers hoeven zich hier niet expliciet over uit te spreken.
-
-De Europese begrotingsregels (Verordening (EU) nr. 473/2013, artikel 4, lid 3 en overweging 15) bepalen dat begrotingen in principe vóór aanvang van het begrotingsjaar worden vastgesteld. In het geval behandeling voor de jaarwisseling niet lukt (“omwille van objectieve redenen buiten de macht van de overheid"), dienen lidstaten te beschikken over uitgestelde begrotingsprocedures. Met de hiervoor genoemde bepaling in de Comptabiliteitswet is in zo’n uitgestelde begrotingsprocedure voorzien.
Inbreng voor het verslag
4.36744, C
Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis
Beslispunt
Wenst de commissie:
-
-het wetsvoorstel af te doen als hamerstuk of na stemming?
-
-aan de Kamervoorzitter een datumvoorstel te doen voor een plenair debat?
-
-een datum te bepalen voor het leveren van inbreng voor een tweede verslag?
Toelichting
Op 10 februari besloot de commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid inbreng te leveren voor het verslag op 10 maart 2026. Inbreng werd geleverd door de leden van de fracties van GroenLinks-PvdA en OPNL gezamenlijk, en de leden van de fracties van BBB, VVD, D66, CDA, PVV, SP, ChristenUnie en SGP. Op 18 maart is het verslag verzonden en de nota naar aanleiding van het verslag is ontvangen op 16 april 2026.
NB. In de aanbiedingsbrief bij de nota naar aanleiding van het verslag vraagt de minister van SZW aandacht voor spoedige behandeling van het wetsvoorstel, ook om de periode van de aan dit wetsvoorstel toegekende terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 zo kort mogelijk te laten duren.
Nadere procedure
5.36154, K
Brief van de minister van SZW over uitstel van de beoogde inwerkingtreding van het keuzerecht bedrag ineens naar 1 januari 2029; Wet herziening bedrag ineens
Beslispunt
Wenst de commissie het wetsvoorstel Wet herziening bedrag ineens (36.154) aan te melden voor plenaire behandeling?
Toelichting
-
-De commissie besloot op 10 februari 2026 het wetsvoorstel Wet herziening bedrag ineens (36154) pas plenair te behandelen wanneer het nieuwe kabinet duidelijkheid kan bieden over het moment van inwerkingtreding van de wet mede in relatie tot de transitie van het pensioenstelsel.
-
-De minister van SZW informeerde de Kamer bij brief van 30 maart 2026 over uitstel van de beoogde inwerkingtredingsdatum van het keuzerecht bedrag ineens naar 1 januari 2029 (36154, K).
-
-De Tweede Kamer heeft op 7 april 2026 de motie van het lid Ceulemans over mogelijkheden om de invoering van het bedrag ineens alsnog te vervroegen (32043, nr. 705) aangenomen. De minister van SZW heeft op 17 april 2026 een brief aan de Kamer gestuurd met een reactie op de motie van het lid Ceulemans. De minister constateert na overleg met de sector dat een eerdere inwerkingtreding van het bedrag ineens in verband met uitvoerbaarheid, keuzebegeleiding en communicatie met deelnemers niet mogelijk is.
Bespreking
6.26448, S
Brief van de minister van SZW over Maatregelen verbetering organisatie UWV; Structuur van de uitvoering werk en inkomen
Beslispunt
Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van de minister van SZW van 7 april 2026 in schriftelijk overleg te treden of wenst de commissie het gesprek met UWV op 9 juni 2026 af te wachten?
Toelichting
De minister van SZW heeft de Kamer op 7 april 2026 een afschrift gestuurd van zijn brief aan de Tweede Kamer over maatregelen om de (organisatie)cultuur bij UWV te verbeteren. Dit pakket van maatregelen komt bovenop de maatregelen die zijn aangekondigd in de kabinetsreactie op het rapport van de Algemene Rekenkamer over 'Fouten bij WIA-uitkeringen' (26448, nr. 863) en de maatregelen die UWV zelf in gang heeft gezet. In de brief van de minister wordt ook verwezen naar de stand van de uitvoering. Deze heeft uw commissie ook ontvangen, en deze zijn te vinden bij het agendapunt 'mededelingen en informatie' van deze commissievergadering.
NB. De commissie heeft op 3 maart 2026 een technische briefing gekregen van de Algemene Rekenkamer over het rapport 'Fouten bij WIA-uitkeringen'. Op 9 juni 2026 vindt een openbaar gesprek plaats van de commissie met UWV over dit rapport.
Bespreking
7.Gesprek Kinderombudsman over het rapport 'Opgroeien in onzekerheid'
Beslispunt
Stemt de commissie ermee in om het gesprek met de Kinderombudsman over het rapport ‘Opgroeien in onzekerheid’ kort na het zomerreces in te plannen?
Toelichting
-
-De minister van SZW heeft de Kamer op 10 maart 2026 een afschrift gestuurd van zijn brief aan de Tweede Kamer over de voortgangsrapportage armoede en schulden (24515, A). In deze brief gaat de minister ook in op het rapport van de Kinderombudsman 'Opgroeien in onzekerheid' van 24 september 2025 (zie p. 5).
-
-De Kinderombudsman heeft eerder aangegeven graag bereid te zijn om met de leden van de commissie over dit rapport in gesprek te gaan. De commissie besloot op 24 maart 2026 in te gaan op het aanbod van de Kinderombudsman.
-
-Vanwege het verwachte volle Kamerschema in de periode mei/juni wordt voorgesteld om het gesprek met de Kinderombudsman kort na het zomerreces in te plannen.
Achtergrond
-
-Een van de aanbevelingen uit de werkgroep zelfevaluatie toeslagenaffaire is het vergroten van het burgerperspectief, onder andere door periodiek als Eerste Kamer in gesprek te gaan met de Nationale ombudsman over de uitgebrachte rapporten en het werkprogramma, en in voorkomende gevallen bij de vakcommissies op relevante deelonderwerpen (CXLVIII / CXLVI, F; p. 6).
Bespreking
8.Mededelingen en informatie
EMPL ICM, 6 mei 2026 te Brussel
Op 6 mei 2026 vindt in het Europees Parlement te Brussel een Interparlementaire Commissievergadering (ICM) van de commissie EMPL plaats over "How can we improve living and working conditions in the EU? The role of minimum wage protection and collective bargaining" . Deze bijeenkomst vindt plaats van 09:00 tot 13:00 uur. Deelname staat open voor maximaal vier leden per nationaal parlement (twee leden per Kamer). Bijgevoegd treft u de uitnodiging, het conceptprogramma en de achtergrondnotitie.
Stand van de Uitvoering sociale zekerheid
Op 7 april 2026 stuurden de ministers van SZW en W&P de stand van de uitvoering sociale zekerheid naar de Kamer. Daarmee informeren zij u over de ontwikkelingen in de uitvoering van de sociale zekerheid door UWV en SVB. Normaal gesproken worden deze in december en juni gestuurd, maar door de wisseling van het kabinet is de versie van december niet uitgegaan.
Uitnodiging Avond van de publieke dienstverlening
UWV en SVB nodigen u uit voor de Avond van de Publieke Dienstverlening op dinsdag 16 juni 2026, om 18.00 uur in de Glazen Zaal in Den Haag. De Avond van de Publieke Dienstverlening wordt sinds 2022 georganiseerd door UWV en SVB en is traditioneel de avond voorafgaand aan de Dag van de Publieke Dienstverlening. De uitnodiging is als bijlage toegevoegd en de aanmeldlink kunt u vinden in het besloten gedeelte van de ambtelijke toelichting. Aanmelden kan tot 1 juni 2026.
9.Rondvraag
10.OPENSTAANDE BRIEVEN EN CORRESPONDENTIE
Overzicht openstaande correspondentie |
|||
|---|---|---|---|
Verzonden |
Onderwerp (+link brief) |
Reactietermijn |
Toelichting |
Wetgeving |
|||
17 juli 2023 |
Verslag initiatiefvoorstel-Patijn Verplichtstelling vertrouwenspersoon ongewenst gedrag op de werkvloer (35.592) |
Vier weken |
Antwoorden van de regering (EK, C) ontvangen op 26 oktober 2023. |
Brieven |
|||
17 februari 2026 |
Brief aan de minister van SZW over de stand van zaken betreffende vrijwillige voortzetting nabestaandenpensioen (36.067) |
17 maart 2026 |
Uit ambtelijk bericht blijkt dat beantwoording in april 2026 wordt verwacht. |
31 maart 2026 |
Brief aan de minister van SZW over Voortgang invoering toelatingsstelsel Wtta (36.446) |
28 april 2026 |
|
7 april 2026 |
Brief aan de minister van SZW met nadere vragen over Formele Raad Werkgelegenheid en Sociaal Beleid (21.501-31) |
5 mei 2026 |
|
Versie: 17 april 2026 |
|||
