Dit wetsvoorstel wijzigt de Wet langdurige zorg (Wlz) om de mogelijkheid te creëren dat familieleden van een patiënt de Wlz-aanvraag kunnen indienen, als de patiënt dit zelf niet meer kan. In de huidige situatie is het zo dat als er geen vertegenwoordiger of schriftelijk gemachtigde voor de patiënt is, er geen aanvraag kan worden gedaan door patiënten die hiertoe niet meer in staat zijn.
Dit wetsvoorstel zorgt ervoor dat deze aanvraag nu ook door een echtgenoot, partner of familielid kan worden gedaan.
De Tweede Kamer heeft het voorstel (TK, 2) op 28 mei 2026 als hamerstuk afgedaan.
Het voorstel is in behandeling bij de Eerste Kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Tenzij een van de leden uiterlijk 16 juni 2026 kenbaar maakt schriftelijke voorbereiding te wensen, zal de commissie blanco verslag uitbrengen. Het voorstel wordt dan op 23 juni 2026 als hamerstuk afgedaan.
ingediend
19 januari 2026titel
Wijziging van de Wet langdurige zorg in verband met de aanvraag van een Wlz-indicatie door familieschriftelijke voorbereiding
ondertekening
- staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijke Zorg
inwerkingtreding
Op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.